Stadsvogels

Sovon heeft een speciaal telproject om broedvogels in het stedelijk gebied te volgen, het Meetnet Urbane Soorten (MUS). Dit project loopt sinds 2007 en er doen al meer dan 750 tellers aan mee.

  • Minimaal 8 en maximaal 12 telpunten per telgebied, die minimaal 200 meter uit elkaar liggen.
    • Per telpunt tel je exact vijf minuten.
    • Drie tellingen per seizoen, verdeeld over de periodes: 1-30 april, 15 mei-15 juni en 15 juni-15 juli.
    • De eerste twee tellingen worden uitgevoerd in de periode tussen een half uur voor zonsopkomst en twee uur daarna, de laatste telling wordt uitgevoerd tussen 19.00 en zonsondergang (gericht op Gierzwaluwen en andere 's ochtends minder actieve soorten).
    • Alle waargenomen individuen worden geregistreerd, zonder onderscheid naar leeftijd, geslacht of gedrag. Alleen overvliegende vogels zonder terreinbinding worden buiten beschouwing gelaten.
    • Er worden geen telcirkels of maximale waarneemafstanden gehanteerd voor het registreren van waarnemingen.
    • Verwachte tijdsbesteding is drie keer maximaal anderhalf uur per seizoen per telgebied.

    Resultaten, wetenswaardigheden en teltips van MUS verspreidt Sovon via een digitale nieuwsbrief.Je krijgt die vier keer per jaar in je mailbox. Verder verschijnen er regelmatig artikelen op basis van MUS-tellingen in het blad Sovon-Nieuws. Kijk voor meer informatie op de projectpagina van MUS